Muziek

Domein

Op de domeinpagina Muziek presenteren we recente cijfers over de productie, distributie en consumptie van live- en opgenomen muziek. Ook komen ontwikkelingen omtrent de weerbaarheid van de muzieksector in verschillende themagebieden, bijvoorbeeld met betrekking tot talentontwikkeling en onderwijs, fair pay en diversiteit, inclusie en gelijkwaardigheid aan de orde. Het muziek ‘ecosysteem’ is veelomvattend en bestaat uit artiesten en makers, livemuziek, opgenomen muziek en de distributie daarvan, rechten en uitgeven, ondersteunende organisaties, media, onderwijs en training, beleid en publiek (Kimenai 2025). Samen met het domein Theater valt Muziek onder de Podiumkunsten.

22 duizend

makers in 2021/2023

22

303,6 miljoen

inkomsten uit auteursrechten in 2023

303,6

31,7 miljoen

bezoeken in 2024

31,7

Samenvatting

Deze pagina richt zich op het domein Muziek in de volle breedte. De muziekindustrie is omvangrijk en groeit jaarlijks: met name streaming en livemuziek nemen de afgelopen decennia toe. De industrie kent ook uitdagingen. Veranderingen binnen de samenleving, bijvoorbeeld omtrent digitalisering en kunstmatige intelligentie, vragen om continue aanpassingen. Niet alle muziekgenres krijgen evenveel erkenning, er speelt veel onzekerheid omtrent werk voor makers en andere werkenden, en er zijn zorgen over de toegankelijkheid van livemuziek. Er is bovendien veel discussie over bredere maatschappelijke thema’s, zoals diversiteit, inclusie en gelijkwaardigheid, en duurzaamheid. Hoewel het belang van deze thema’s steeds breder wordt gedragen en er ook specifieke interventies worden ontwikkeld, is er nog een lange weg te gaan.

Overzicht en kerncijfers

De omvangrijke muzieksector kan worden opgedeeld in drie onderdelen: 1) de opname-industrie (het opnemen en verspreiden van muziek in fysieke en digitale vorm), 2) de licentie-industrie (muziekrechten en royalty’s) en 3) de livemuziekindustrie (Wikström 2014). Om recht te doen aan de grootte en bijkomende complexiteit van de muzieksector, wordt in beleids- en onderzoekstermen steeds vaker gesproken over een ‘ecosysteem’. Dit gaat over het gehele netwerk van individuen en organisaties in de muzieksector, inclusief bijvoorbeeld artiesten, bedrijven, podia, streamingplatformen, festivals, beleidsmakers en publiek. Maar ook hun omgevingen – denk bijvoorbeeld aan onderwijsinstellingen of overheden – én hoe alle betrokkenen van elkaar afhankelijk zijn en elkaar wederzijds beïnvloeden (Kimenai et al. 2025). Niet over alle subsectoren binnen de muzieksector zijn evenveel data beschikbaar – op deze pagina omschrijven we beschikbare data én aan welke informatie nog behoefte is (zie onderaan bij ‘wat willen we nog meer weten’).  

Bij het maken van een overzicht van de muzieksector in Nederland moet er ook rekening worden gehouden met een grote verscheidenheid aan muziekgenres en gemeenschappen die daaraan verbonden zijn. Van populaire muziek zoals hiphop en Electronic Dance Music (EDM), tot klassieke muziek en jazz: er is een hoeveelheid aan makers, organisaties, podia, evenementen en anderen betrokken bij ieder genre. Op deze pagina maken we wanneer data beschikbaar zijn onderscheid tussen muziekgenres. Niet voor alle muziekgenres is echter evenveel aandacht en erkenning binnen de muzieksector en binnen cultuurbeleid, denk bijvoorbeeld aan hiphop (Donken 2024, Raad voor Cultuur 2024, UNESCO 2024) en jazz (Kamer 2023). Deze verschillen in erkenning en waardering van genres zijn diepgeworteld en historisch herleidbaar (zie bijvoorbeeld Abfalter et al. 2022). en zijn ook in de dagelijkse praktijk zichtbaar. Bovendien zijn er over veel muziekpraktijken weinig tot geen geschreven bronnen – en de bronnen die er wel zijn worden niet altijd goed bewaard (Niemeijer, 2025).  

Om het aantal organisaties, werkenden, de inkomsten, het aantal voorstellingen en bezoek daaraan cijfermatig in kaart te brengen moet er uit verschillende bronnen worden geput. Er zijn meerdere bronnen met data die structureel (op jaarbasis) en landelijk worden verzameld: 1) Podiumkunsten [CBS]), 2) het Poppodium Analyse Systeem [PAS] van de Vereniging Nederlandse Poppodia en Festivals (VNPF), 3) het Theater Analyse Systeem [TAS] van de VSCD | Van en voor podia (VSCD), 4) gegevens over concerten en festivals van Respons en 5) cijfers van brancheverenigingen en organisaties zoals NVPI. De CBS cijfers zijn deels gebaseerd op cijfers uit het PAS en TAS – hierin verzamelen de VNPF en de VSCD op jaarbasis data van de bij hen aangesloten leden. De VNPF podia betreffen alleen muziek, de VSCD podia programmeren ook andere vormen van podiumkunsten. Daarnaast doet het CBS aanvullende dataverzameling, om zo een vollediger beeld te krijgen van de sector. Naast deze bronnen verzamelt de Livemuziek Monitor periodiek gegevens over popmuziekconcerten, festivals en artiesten in Nederland (Mulder et al. 2026), de Artiestenmonitor – een surveyonderzoek onder 314 popmuzikanten in Nederland – sinds 2026 over popartiesten (Wijngaarden et al. 2026) en wordt binnen de Vrijetijdsomnibus tweejaarlijks onderzoek gedaan naar de culturele vrijetijdsbesteding van Nederlanders van 6 jaar en ouder (De Hoog et al. 2026).   

Organisaties en werkenden

Het omschrijven van het aantal organisaties en werkenden in de muzieksector is complex omdat de sector breed is en niet voor alle onderdelen (opname, licentie en livemuziek) evenveel data beschikbaar is. Met name over de opname- en licentie-industrie blijft nog veel onduidelijk, vooral voor data vanuit streamingsdiensten. Allereerst focust de opname-industrie zich op het opnemen en verspreiden van muziek in fysieke en digitale vorm. Hiervoor zijn bijvoorbeeld platenlabels (120 aangesloten bij de NVPI.), muziekuitgevers (in 2023 1707 aangesloten bij Buma/Stemra) en internationale streamingplatforms zoals SpotifyDeezerApple Music en Tidal van belang. Voor de licentie-industrie, die gaat over muziekrechten en royalties, zijn in Nederland met name twee organisaties van belang: Buma/Stemra en Sena. Waar Buma/Stemra zich focust op componisten, tekstschrijvers en uitgevers (auteursrecht), focust Sena zich op artiesten, sessiemuzikanten en producenten (naburig recht). In 2023 waren er 37.5 duizend componisten en auteurs aangesloten bij Buma/Stemra, bij Sena zijn op het moment van schrijven 53.000 muzikanten en producenten aangesloten (Buma/Stemra 2023; Sena 2025). Het is onduidelijk welke overlap er zit tussen inschrijvingen bij Buma/Stemra en Sena. In ieder geval gaat het bij beide organisaties om muziekmakers die voldoende bekendheid en/of kennis over de muziekindustrie hebben om geld te verdienen via auteursrechten. 

Voor de livemuzieksector zijn wat meer eenduidige gegevens beschikbaar, al zijn ze niet volledig (bijvoorbeeld voor nachtclubs of podia voor klassieke muziek). Volgens het CBS waren er in 2024 337 organisaties die podiumkunsten beheren (CBS 2025a). De Livemuziekmonitor (Mulder et al. 2026) geeft een vollediger beeld van poppodia: in 2024 waren er 626 locaties waar popmuziek werd geprogrammeerd, inclusief formele poppodia en informele locaties zoals cafés en parken. Dit is minder dan het piekjaar 2016 met 906 podia, maar het aantal optredens op podia neemt juist toe over de jaren (Mulder et al. 2026). Dat betekent dat er meer geprogrammeerd wordt op een kleiner aantal locaties, waarbij poppodia de meeste programmering kennen, gevolgd door theaters en concertgebouwen, terwijl optredens op informele speelplekken zijn afgenomen (Mulder et al. 2026). 

 

Bron: Mulder et al. 2026
Bron: Mulder et al. 2026

Binnen de professionele podia die zijn aangesloten bij de VNPF waren 11054 personen werkzaam, bij de VSCD waren dit er 15063. Dit betreft zowel mensen die werkzaam zijn in loondienst, als ZZP’ers, ingehuurde medewerkers en stagiairs of vrijwilligers (voor uitgebreidere beschrijvingen zie Dee et al. 2025 en Siebe Weide Advies 2025).   

Percentage werknemers. Bron: Siebe Weide Advies 2025
Percentage werknemers. Bron: Dee et al. 2025

Artiesten en makers

Volgens CBS cijfers uit de Monitor Kunstenaars en andere werkenden met een creatief beroep, gebaseerd op verschillende nationale monitors, waren er in de periode 2021/2023 22.000 muzikanten, zangers en componisten werkzaam in Nederland (CBS, 2025c).

Aantal. Bron: CBS 2025c

Uit de Livemuziek Monitor – gebaseerd op 387.048 optredens op Nederlandse podia en festivals tussen 2008 en 2024 – bleek de snelle doorstroom van live-artiesten. In deze periode hebben 41.991 unieke artiesten opgetreden op Nederlandse podia en festivals. Dat is inclusief artiesten die in de eerste maanden van 2020 optraden, maar exclusief artiesten die met coronarestricties optraden of artiesten van afgelaste optredens in de coronaperiode. Over de jaren neemt het aantal live-artiesten geleidelijk toe, tot het hoogtepunt van 9313 optredende artiesten in 2023. Opvallend is dat het grootste aantal artiesten slechts 1 of 2 keer optreedt: dit geldt voor meer dan de helft van de artiesten in de gemeten periode (Mulder et al. 2026).  

Inkomsten en subsidiestromen

De afgelopen decennia heeft de opkomst van het internet bijgedragen aan grote veranderingen binnen en tussen de drie onderdelen van de muziekindustrie. Waar de opname-industrie, inclusief fysieke geluidsdragers zoals CD’s en vinyl, voorheen van groot belang was als inkomstenbron, ligt de nadruk nu veel meer op streaming en livemuziek (Everts 2023, NVPI 2025). Onderstaande visualisatie met cijfers van de NVPI laat zien dat de inkomsten uit streaming in Nederland toenemen, terwijl de totale inkomsten uit fysieke geluiddragers gedaald zijn. Hoewel streaming nog steeds de grootste inkomstenbron is, neemt de populariteit van vinyl de afgelopen jaren gestaag toe. De toename van het belang van streaming is ook van invloed op discussies omtrent auteursrechten en hoe eerlijke verdeling van inkomsten kan worden gerealiseerd– die discussies komen uitgebreider aan de orde onder het kopje ‘streaming, AI en auteursrechten’ op deze pagina. In 2023 bedroegen de inkomsten uit auteursrechten 303,6 miljoen euro (Buma/Stemra, Sena). 

In miljoenen Euro, naar type geluidsdrager. Bron: NVPI 2026

Tussen muziekgenres bestaat er een grote variatie in waar inkomsten vandaan komen. Populaire muziek ontvangt bijvoorbeeld veel minder subsidie van de rijksoverheid of –fondsen dan klassieke muziek. In 2023 ging 7,1 procent van het totale subsidiebedrag van de Basisinfrastructuur [BIS] en het Fonds Podiumkunsten [FPK] naar popmuziek, terwijl klassieke muziek 93 procent van het totale bedrag ontving (Zwaan et al 2025). Voor poppodia zijn gemeentelijke subsidies (93 procent van totale subsidiebedrag voor poppodia aangesloten bij VNPF) van groter belang. Subsidies ondervangen slechts 23 procent van de inkomsten voor poppodia: eigen inkomsten uit ticketverkoop (38,3 procent) en horeca (22 procent) zijn van groter belang (Dee et al. 2025). Over stijgende ticketprijzen bestaan al langere tijd zorgen – dit komt verder aan bod onder het kopje ‘kostenstijgingen en toegankelijkheid van livemuziek’ op deze pagina.  Ook binnen populaire muziek zijn er verschillen in waar inkomsten vandaan komen – ook al zijn daar minder data over. Binnen hiphop communities bleek bijvoorbeeld dat makers vaak projecten realiseren via alternatieve routes (zoals commerciële sponsordeals, eigen geld of via crowdfunding), of juist eerder samenwerking zoeken met jongerenwerk, dat onder welzijn valt, dan met het cultuurdomein (Donken, 2024). Wel lijkt er over verschillen in (financiële) erkenning een groter bewustzijn te ontstaan binnen cultuurbeleid (zie Raad voor Cultuur 2024).  

Voorstellingen en bezoeken

Het totaal aantal muziekvoorstellingen in professionele podia kent van 2005 tot 2019 een geleidelijke stijging, en ook na de dip van de coronajaren heeft deze trend zich tot en met 2024 (het meest recente jaar met beschikbare data) doorgezet. Binnen CBS-data wordt een onderscheid gemaakt tussen voorstellingen voor klassieke muziek en populaire muziek. Hierin is te zien dat het aantal voorstellingen voor klassieke muziek vanaf 2023 weer boven het niveau van voor corona uitstijgt. Het aantal popmuziekvoorstellingen zat in 2022 al op het niveau van voor de coronacrisis en stijgt vanaf dat jaar gestaag (van 14.972 voorstellingen in 2022 naar 17.647 voorstellingen in 2024). In de Livemuziek Monitor (2026) werden popmuziekconcerten ook opgesplitst naar muziekgenre. Tussen 2008 en 2024 kende met name genres als experimenteel/avant-garde, wereldmuziek en indie/alternative een flinke groei. In het rapport worden ook relevante ontwikkelingen van de afgelopen jaren na de pandemie genoemd, zoals de revival van hardere genres en de opvallende groei van genres als disco, R&B, spoken word, gospel, chanson, schlager en koren na de pandemie (Mulder et al. 2026). 

Bron: Mulder et al. 2026

Naast het aantal voorstellingen kende ook het totale bezoek aan muziekvoorstellingen een geleidelijke stijging tussen 2005 en 2019, die ook na de coronajaren in 2024 (het meest recente meetjaar) is doorgezet. Sterker nog: waar de stijging tot 2019 geleidelijk was, neemt het aantal bezoeken aan popmuziekvoorstellingen sinds 2022 sterk toe – wat hoogstwaarschijnlijk te maken heeft met de sterke stijging in het aantal voorstellingen.  Met name voor popmuziekvoorstellingen is deze stijging groot: van 8,2 miljoen bezoeken in 2022 naar 11,2 miljoen bezoeken in 2024. Voor klassieke muziekvoorstellingen stijgen bezoekersaantallen vanaf 2023 weer boven het niveau van voor de coronacrisis uit. Dat er een groei is van het aantal voorstellingen en bezoeken daaraan, wil echter niet automatisch zeggen dat de sector er goed voorstaat (zie kopje ‘Kostenstijgingen en Toegankelijkheid van Livemuziek’). 

Uit de Vrijetijdsomnibus is informatie te halen over de verdeling van muziekbezoek over de Nederlandse bevolking, ook naar achtergrondkenmerken (de Hoog et al. 2026). In 2024 – het laatste meetjaar van de VTO – bezocht 45,5 procent van de Nederlanders van zes jaar en ouder een concert van popmuziek en 15 procent een concert van klassieke muziek. Van de muziekbezoekers deed 55 procent dat 3 keer of vaker in dat jaar. Dit geldt met name voor popmuziekbezoek: meer dan de helft van de popmuziekbezoekers deed dit in 2024 drie keer of vaker, klassieke muziek werd door meer dan de helft van de bezoekers één keer bezocht. Sinds 2024 wordt er in de VTO ook onderscheid gemaakt tussen verschillende popmuziekgenres die bezocht kunnen worden. Hieruit blijkt dat met name internationale popmuziek (17 procent van de muziekbezoekers) en Nederlandstalig populair (16 procent van de bezoekers) populaire genres zijn. Het bezoeken van muziekconcerten blijkt met name afhankelijk te zijn van leeftijd, opleidingsniveau en huishoudinkomen. Hierbij geldt dat het aandeel muziekbezoekers met name groot is onder de leeftijdscategorie 20-34 jaar, HBO/WO-opgeleiden en de hoogste inkomenscategorie (de Hoog et al. 2026).   

Festivals en festivalbezoek

Naast podia zijn festivals een steeds belangrijkere locatie voor livemuziek. Sinds de eeuwwisseling wordt er dan ook gesproken over de ‘festivalisering’ van livemuziek, een term die het toenemende belang van festivals in de livemuziekindustrie benadrukt (Mulder et al. 2020). Verschillende onderzoeken voor de Nederlandse context laten zien dat er een groei is in populariteit. Uit de Livemuziek Monitor bleek dat er vanaf 2008 een toename is van muziekfestivals die popmuziek programmeren in Nederland, met als hoogtepunt 1165 festivals in 2016. Hierna lijkt het aantal popfestivals af te nemen, tot 628 festivals met popmuziek in 2024. Waar de periode tot 2016 zich kenmerkt door festivalisering, kenmerkt de periode van 2017 tot en met 2024 door een afname in het aantal popmuziekoptredens op festivals. De afname in festivalaanbod is daarmee niet volledig te wijden aan gevolgen van de coronapandemie, maar werd al voor 2020 ingezet (Mulder et al. 2026). Ook uit recente cijfers van Respons (dat focust op grotere festivals) blijkt een geleidelijke (maar minder drastische) afname van het aantal muziekfestivals, van 1118 in 2019 tot 962 in 2025. Het in kaart brengen van muziekfestivals is van des te groter belang omdat meerdere langlopende festivals in 2024 hebben moeten stoppen (Mulder 2024) en ook onderzoek van Respons (2024) liet zien dat ruim 100 festivals in 2024 verdwenen, terwijl er 46 edities van nieuwe festivals plaatsvonden (met name EDM). Enerzijds kan dit een teken zijn van een stabilisatie van het veld, anderzijds kan het ook betrekking hebben op toenemende uitdagingen met betrekking tot bijvoorbeeld kostenstijgingen en regelgeving. 

In Cultuurparticipatie in Cijfers (de Hoog et al. 2026) werd gevraagd naar het bezoek van muziekfestivals in 2024. Hieruit bleek dat 24 procent van de Nederlanders van 6 jaar en ouder in 2024 ten minste één bezoek bracht aan een muziekfestival. 57 procent van de muziekfestivalbezoekers bracht 2 keer of vaker een bezoek aan een muziekfestival. Muziekfestivalbezoek bleek het meest populair onder de leeftijdscategorie van 20-34 jaar. Ook bleek dat muziekfestivals met name bezocht werden door mensen die hbo/wo-opgeleid zijn: waar 29 procent van de hbo/wo-opgeleiden in 2024 een bezoek bracht aan een muziekfestival, was dit voor basis/vmbo/vso-opgeleiden 12 procent. Ook huishoudinkomen maakt een verschil. In 2024 bracht 31 procent van de mensen uit het hoogste kwintiel een bezoek aan ene muziekfestival, tegenover 21 procent van de mensen uit het laagste kwintiel.  

2019-2025. Bron: Respons 2026
2019-2025. Bron: Respons 2026

Nachtleven

Een andere belangrijke locatie voor livemuziek zijn nachtclubs. De afgelopen jaren ontwikkelden steeds meer steden beleidsvisies met betrekking tot nachtleven, met expliciete aandacht voor nachtcultuur (van der Leden 2025). Ook zijn er inmiddels 17 nachtburgemeesters- en organen over het hele land verspreid, die zich inzetten voor nachtcultuur (bijvoorbeeld middels het samenwerkingsverband Dutch Nighttime Alliance). Verschillende onderzoeken benadrukken de spreiding, veelzijdigheid en diverse waarden van nachtcultuur (Leichsenring et al. 2024; Blaker et al. 2021; Koren et al. 2024). De toenemende aandacht maakt echter niet dat nachtleven al voldoende in beeld is gebracht: er zijn zowel cijfermatige als meer kwalitatieve vragen waar deze sector mee kampt. De meeste onderzoeken focussen op één stad, veelal in de Randstad, en brengen doorgaans ook niet alle relevante data over nachtleven en -cultuur in kaart, zoals locaties. Op landelijk niveau zijn er alleen meer recentelijke data beschikbaar over nachtprogrammering in gevestigde poppodia. Zo organiseerden professionele poppodia die deelnamen aan het jaarlijkse onderzoek van de VNPF in totaal 3050 clubavonden in hun eigen gebouw in 2024 (Dee et al. 2025). Na concerten, zijn clubavonden het meest bezocht in poppodia met 1,4 miljoen bezoeken in 2024. Ook meer informele en kleinere locaties zijn echter van groot belang voor nachtcultuur en worden vooralsnog op landelijk niveau niet in kaart gebracht (Leichsenring et al. 2024). 

In 2023 publiceerde het Trimbos Instituut het Grote Uitgaansonderzoek onder 7.012 respondenten tussen de 16 en 35 jaar oud (van Beek et al. 2023). Dit onderzoek benadrukt meteen de beeldvorming rondom uitgaanscultuur en gaat met name over middelengebruik. Er zijn echter ook gegevens over waar mensen uitgaan. Van alle locaties werden kroegen in 2023 het vaakst bezocht: 42,4 procent van de respondenten bezocht minimaal eens per maand een kroeg, 25,3 procent deed dat eens per week of vaker. Clubs/disco’s zijn daarna het populairst (39,3 procent maandelijks), gevolg door feesten en festivals (26,1 procent maandelijks). 41,6 procent van de respondenten bezocht in 2023 maandelijks een huisfeestje of feest bij vrienden. Wat ook opvalt is dat het aandeel uitgaanders is gedaald ten opzichte van voor de coronacrisis. Waar 24,3 procent van de respondenten in 2020 nog een club bezocht, is dit in 2023 13,1 procent. Ook het percentage respondenten dat naar een huisfeest ging is gedaald van 23,3 procent naar 10,9 procent in 2023. Vanuit de sector kwamen ook al signalen over afnemende infrastructuur en dalende bezoekcijfers voor nachtcultuur naar boven – wat vaak wordt geweten aan de nasleep van de coronapandemie en veranderend uitgaansgedrag onder jongeren (Bormans et al. 2026). In Amsterdam werd er naar aanleiding van de geconstateerde tekorten in tijdelijke en permanente ruimtes voor nachtclubs onderzoek gedaan naar mogelijke ruimtelijke ontwikkeling en kansgebieden (Gemeente Amsterdam, 2025) en werden ook behoeften van Amsterdammers met betrekking tot nachtcultuur in kaart gebracht (Milan et al. 2026).  

Consumptie en luistergedrag

Uit meerdere onderzoeken blijkt dat Nederlanders vooral muziek luisteren via de radio (de Hoog et al. 2026;  GfK 2025). Streamingdiensten en muziek uit eigen collectie zijn daarna het meest populair. Of en hoe er naar muziek wordt geluisterd blijkt ook afhankelijk te zijn van persoonskenmerken als leeftijd, opleidingsniveau en huishoudinkomen (de Hoog et al. 2026). Streamingdiensten, TikTok en illegaal gedownloade muziek zijn populairder bij jongere leeftijdscategorieën, terwijl radio, youtube en de eigen muziekcollectie populairder zijn onder oudere leeftijdscategorieën. Tegelijkertijd valt op dat het kopen van Vinyl’s/CD’s het populairst was onder de groep 15-17 jarigen in 2025: 28 procent binnen deze groep gaf aan dit in 2025 te hebben gedaan (GfK 2025).




Wat willen we verder weten over het domein Muziek?

Verschillende vraagstukken die in voorgaande edities van deze pagina speelden, zijn in deze editie opgepakt. Zo is er meer data beschikbaar over kleine, informele podia door middel van de Livemuziek Monitor (Mulder et al. 2026) en hebben we door middel van Cultuurparticipatie in Cijfers (de Hoog et al. 2026) meer inzicht in het bezoeken van verschillende muziekgenres. Ook de cijfers van Respons, over aantallen muziekfestivals en muziekfestivalbezoeken vormen een waardevolle toevoeging aan de bronnen voor deze pagina.  

Er ontbreken echter ook nog gegevens. Hoewel er structureel veel gegevens worden verzameld over de popmuziekindustrie, gebeurt dit minder voor andere genres zoals klassieke muziek en jazz. Ook missen we data over nachtcultuur.  

Daarnaast is er nog weinig bekend over diversiteit en inclusie in de popmuziekindustrie, waarin onderzoek zich met name focust op gender. Dat geldt in nog grotere mate voor andere muziekgenres. Een grote vraag speelt hierin omtrent verschillende intersecties, waaronder genderidentiteiten, sociale klasse en etniciteit. Hierover zijn consequent weinig data beschikbaar in de gehele muziekindustrie (zie ook discussie omtrent het meten van persoonsgegevens op de pagina Diversiteit en inclusie). In Vlaanderen is in 2024 onderzoek naar achtergrondkenmerken van werkenden in de muzieksector uitgevoerd door VI.BE in Persoonskenmerken, uitsluiting en discriminatie in de muziekindustrie : een nulmeting – hier zou in Nederland ook vervolg aan kunnen worden gegeven.  

Hoewel er over bezoek en live-aanbod relatief veel gegevens beschikbaar zijn, geldt dit in mindere mate voor de licentie-industrie en de productiekant van de muzieksector. De vele discussies die spelen rondom de eerlijke verdeling van auteursrechten, zouden gebaat zijn bij cijfermatige inzichten in waar de inkomsten vanuit auteursrechten precies terechtkomen (en waar niet). Bovendien wordt er in veel onderzoek aan de werkkant gericht op muzikanten. De muziekindustrie, en alle problematiek omtrent werk die hierin speelt, bestaat echter uit veel meer spelers. Om meer inzicht te krijgen in werk in de muziekindustrie, en hierop ook gepast beleid te vormen, is het van belang om de focus te verleggen en óók de ervaringen en posities van andere groepen werkenden te verkennen.  

Tot slot bieden we met deze pagina met name een overzicht van de gehele muziekindustrie. Doordat er niet over alle muziekpraktijken (geschreven) bronnen zijn, blijven er ook muziekpraktijken onderbelicht. In volgende edities van de cultuurmonitor proberen we – naast bijvoorbeeld het in kaart brengen van meer informele bezoeklocaties in de Livemuziek Monitor – ook meer ruimte te bieden aan muziekpraktijken die (nog) niet geïnstitutionaliseerd zijn.  

 

Meer weten over het domein Muziek?

Bekijk meer data over het domein Muziek in het Dashboard van de Cultuurmonitor. 

Meer literatuur over het domein Muziek is te vinden in de Kennisbank van de Boekmanstichting.   

Bronnen

Figuren:

Buma (2023). Jaarverslag Buma Stemra. Amstelveen: Buma/Stemra

CBS (2025a) ‘Podia voor professionele podiumkunsten; voorstellingen, bezoek, regio’. Op: www.cbs.nl, 18 december

CBS (2025b) ‘Podia voor professionele podiumkunsten; activiteiten en bezoeken, 2016-2024 | CBS’. Op: www.cbs.nl, 18 december

CBS (2025c). Monitor Kunstenaars en andere werkenden met een creatief beroep, editie 2025 | CBS. Op. www.cbs.nl, 31 maart

De Hoog, T. & Swartjes, B. (2026).  Cultuurparticipatie in Cijfers : rapportage over de Vrijetijdsomnibus (VTO) 2024. Amsterdam: Boekmanstichting

Dee, A. & Schans, B (2025).  Poppodia en -festivals in cijfers 2024 = Dutch live music venues and festivals facts & figures 2024. Amsterdam: VNPF.  

Mulder, M. & Swartjes, B. (2026). Nederlandse Livemuziek Monitor 2008-2024. Amsterdam: Boekmanstichting

NVPI (2025). ‘NVPI – De brancheorganisatie van de film- en muziekindustrie’. Op: www.nvpi.nl  

Respons (2025). Monitor Festivals en Concerten. Amsterdam: Respons. 

SBB (2025). Atlas MBO Arbeidsmarkt. Op: www.s-bb.nl

Schiavone, R. en T. de Hoog (2025). Duurzaamheid in de culturele sector . Amsterdam: Boekmanstichting

Siebe Weide Advies (2025). Podia 2024 : jaarcijfers schouwburgen en concertgebouwen in Nederland. VSCD: Amsterdam.  

Vereniging Hogescholen (2026). Dashboard Inschrijvingen, Doorstroom, Gediplomeerden. Op: www.vereniginghogescholen.nl, 10 februari

Wijngaarden, Y. (et al.). (2026). BAM! Artiestenmonitor 2025. Erasmus Universiteit Rotterdam, BAM! Popauteurs.

Literatuur:

Abfalter, A. en R. Reitsamer. (2022) Music as labour : inequalities and activism in the past and present. Abdingdon, Oxon: Routledge.  

 Bajram, D. (2025). ‘‘Death to Spotify’-bijeenkomsten in VS vormen nieuw hoofdstuk in de kritiek op Spotify’. Op: www. volkskrant.nl, 13 oktober

Bakkers, A. (et al.) (2025) kracht van dove en slechthorende bezoekers : toolkit voor podia, festivals en artiesten. Revelland

Becker, A. (et al.) (2026). ‘ Musician presence and its effects on physiological and psychological well-being in live versus livestreamed concerts | Scientific Reports’ . In: Nature Scientific Reports, jrg. 16, nr. 7889. 

Belt, L. (2026). ‘Vanavond is ‘The Voice’ weer op tv: wat is er achter de schermen veranderd om een veilige omgeving te creëren?’ . Op: www.volkskrant.nl, 16 januari

Berkers, P., M. Verboord en F. Weij. (2016) ‘”These critics (still) don’t write enough about women artists”: gender inequality in the newspaper coverage of arts and culture in France, Germany, the Netherlands, and the United States, 1955-2005′. In: Gender & Society, jrg. 30, nr.3, 515-539.  

Beemsterboer, T. en I. Fuks (2025) ‘Als de manager van Douwe Bob Yesilgöz mailt met de vraag of ze haar tweet wil nuanceren, herhaalt ze haar beschuldigingen’. Op: www.nrc.nl, 10 juli  

Beukers, G. (2024) ‘Ali B veroordeeld tot 2 jaar cel voor verkrachting en poging tot’. Op: www.volkskrant.nl, 12 juli

Blaker, N. en J. Poort (2021) waarde van de kleine uurtjes : de nachtcultuur van Amsterdam. Amsterdam: Atlas Research.  

Boeijenga, Y. (2025) Rise up : een vergelijkend onderzoek naar de ondervertegenwoordiging en ervaringen van vrouwelijke muziekmakers in Nederland. Amstelveen: Buma/Stemra 

Bormans, A. en M.  de Ruiter. (2026) ‘Van nachtleven naar dagleven: bij steeds meer clubs gaat het licht uit’. Op: www.volkskrant.nl, 10 februari

Calkins, T. (et al.). (2024) Music management in Europe.Erasmus University Rotterdam, EMMA.  

CAOP. (2025) Sociale veiligheid bij de orkesten en het koor aangesloten bij de Vereniging voor Nederlandse orkesten (VvNO). Den Haag: CAOP. 

Coppes, W. (2024) Disconnected : stakeholder perceptions of what constitutes higher popular music education. Rotterdam: Erasmus University Rotterdam. 

De Grefte, E. (2025) ‘Artiesten willen weg bij het omstreden Spotify, maar zitten klem: ‘Spotify is in z’n eentje de gatekeeper. Dat lijkt me ongezond’ . Op: www.volkskrant.nl, 21 augustus 

De Grefte, E. (2025b) ‘Artiesten dagen Universal voor de rechter in een strijd over streamingopbrengsten’. Op: www.volkskrant.nl, 8 juli

De Grefte, E. (2026). ‘Lowlands en Wildeburg nog steeds niet uit­verkocht: wat is er aan de hand in festivalland?’ .  Op: www.volkskrant.nl, 24 februari

De Knock, B. (2021). The all-round musician: how to create a sustainable career in the music business. Amsterdam: Crosslink Legal.

Daru, S., K. Kros en H. Mateman. (2023) Grensoverschrijdend gedrag in de muziekindustrie in beeld. Utrecht: Movisie.    

Davies, K. (et al.) (2023). Festival participation, inclusion and poverty : an exploratory study. In: Tourism and Hospitality, nr.4, 51-74. 

De Vrieze, A. (2023) ‘Staatssecretaris Uslu: woekerhandel tickets beperkt probleem’. Op: www.3voor12.nl, 29 november   

Dee, A. en B. Schans. (2023) Poppodia en -festivals in cijfers 2022 = Dutch live music venues and festivals facts & figures 2022. Amsterdam: VNPF.   

Dee, A. en B. Schans. (2025) Poppodia en -festivals in cijfers 2024 = Dutch live music venues and festivals facts & figures 2024. Amsterdam: VNPF.   

Donken, J. (2024). ‘Cultuur voor iedereen? Koloniale mechanismen in de cultuursector’. In: Cultuur + Educatie, jrg. 23, nr. 67.  

Erdbrink, A. (et al.) (2021) ‘Listening space : an exploratory case study on a persuasive game. Designed to enrich the experience of classical music concerts’. In: Journal on Computing and Cultural Heritage, jrg. 14, nr.4.  

Everts, R. (2023) Making a living in live music : early-career musicians in the changing music industries. Rotterdam: Erasmus University Rotterdam.   

ESNS (2026) ESNS Conference – Heal the Healer: workshop over mentale gezondheid in de muziekindustrie. Op: https://esns.nl

Fairpacct (2026) Fair Pop Fonds Gelanceerd tijdens ESNS 2026 – fairPACCT. Op: https://fairpacct.nl. 

Fairpacct (2026b) Nieuwe stap richting fair pay in grootrecht – fairPACCT. Op: https://fairpacct.nl

Gandolahage, R (2025) ‘Nu is ook al de muziekschool van Rotterdam ter ziele’. In: NRC Handelsblad, 30 januari 

Gemeente Amsterdam (2025) Locatieonderzoek Nachtclubs. Amsterdam: Gemeente Amsterdam. 

Goodwin, G. (2025) Gender equality in the live music sector. Nantes: Live DMA. 

Goossens, D. (2024) Persoonskenmerken, uitsluiting en discriminatie in de muziekindustrie : een nulmeting. VI.BE, PXL Music.  

Govers, R., Schaap, J. en W. de Koster (2025). “I hear her”: In conversation with Rotterdam youth about the role of Dutch rap for personal well-being – Erasmus University Rotterdam. Rotterdam: Erasmus Universiteit Rotterdam. 

Gross, S.A. en G. Musgrave (2016) Can music make you sick? Music and depression : a study into the incidence of musicians’ mental health. Part 1: pilot survey and report 

Haynes, J. en L. Marshall. (2018) ‘Reluctant Entrepeneurs: musicians and entrepeneurship in the ‘new’ music industry’. In: the British Journal of Sociology, jrg. 69, nr.2, 459-482  

Hesmondhalgh, D. (2020) ‘Is music streaming bad for musicians? : problems of evidence and argument’. In: New media & society, jrg. 23, nr. 12, 3593-3615. 

Hesmondhalgh, D. (2025). Music streaming around the world. Oakland: University of California Press. 

Jorritsma, E. & H. van Santen (2023). ‘Musici eerlijk betalen: orkesten hebben er geen geld voor’. Op: www.nrc.nl, 27 juni.  

Jorritsma, E. (2024). Talentontwikkeling in klassieke muziek valt buiten de boot. Op: www.nrc.nl, 10 juli.  

Kamer, G. (2023) ‘Jazzmusici kondigen protestmars bij Tweede Kamer aan tegen muziekbeleid’. Op: www.3voor12.nl, 25 juni.  

Kimenai, F. (et al.) (2025) European music ecosystem : a conceptual framework definition of the European music ecosystem to understand and drive its diversity, creativity and solidarity making it competitive, resilient, and attractive. MME, European Commission.  

Koeman, N., W. Elsenburg en M. Hartgerink. (2023) Koop en doorverkoop : onderzoek naar toegangskaarten voor sport- en culturele evenementen. Amsterdam: SEO.  

Koren, T. en B. Hracs. (2024) Negotiating the night: How nightclub promoters attune their curatorial practices to the intra-urban dispersal of nightlife in Amsterdam. In: Urban Studies, 1-21.  

Koren, T. (2023) ‘Beyond door policies: Cultural production as a form of spatial regulation in Amsterdam nightclubs’. In: European Journal of Cultural Studies, 1-16.  

Krueger, A.B. (2019) Rockonomics: A backstage tour of what the music industry can teach us about economics and life. Broadway Business.   

Kruis, I. en E. Bisschop Boele (2023). ‘Veranderende vormen. Inventarisatie instrumentaal/vocaal muziekonderwijs Noord- en Oost-Nederland’. Hanzehogeschool Groningen, ArtEZ Conservatorium.   

Kunstenbond (2023). ‘Ketentafels: een belangrijk instrument in de strijd voor Fair Pay’. Op: www.kunstenbond.nl, 1 november.  

Leichsenring, L. (et al.) (2024). Creative footprint Rotterdam : onderzoeksrapport 2024. Rotterdam: Creative Footprint.  

Milan, M. (et al.) (2025). Amsterdammers over nachtcultuur : behoefteonderzoek 2025. Amsterdam: VibeLab.

Mulder, M. (2022) Nederlandse livemuziek monitor 2008-2019 : popconcerten en- festivals in het tijdperk tussen streaming en sluiting. Rotterdam: Poplive. 

Mulder, M. (2023) I was there! Pop venues and festivals and their value in the ecosystem of live music. Rotterdam: Erasmus University Rotterdam.  

Mulder, M. (2024) Festivalprogrammering in Nederland : editie 2024. Hoe de dj de rockband heeft vervangen op de festivalweides. Rotterdam: Poplive.  

Mulder, M., E, Hitters & P. Rutten (2020). ‘impact of festivalization on the Dutch live music action field : a thematic analysis’. In: Creative Industries Journal, jrg. 14, nr. 3, 245-268.   

Niemeijer, M. (2025). Verloren geluiden, geschreven bronnen : over wat klinkt, wat verdwijnt en wat een bibliotheek kan bewaren. Den Haag: Koninklijke Bibliotheek. 

NOS (2014). ‘Forgotify: de mooiste liedjes die je nog nooit hebt gehoord’. www.nos.nl, 30 januari

NPO Klassiek (2025). Concertgebouw-directeur over verplaatsen concert Jerusalem Quartet: | NPO Klassiek. Panorama Zondag: KRO-NCRV. 

GfK (2025). Muziekmonitor. Amsterdam: NVPI.

Peeters-Osseyran, M. Bellaart, H. en R. van Wonderen. (2026). Weerbare cultuursector : omgaan met maatschappelijke spanningen en polarisatie. Utrecht: Verwey-Jonker Instituut.

Pelly, L. (2025). Mood Machine: the rise of spotify and the costs of the perfect playlist. London: Hodder & Stoughton

Pisart, T. (2023). ‘Europarlementariër Lara Wolters wil platinum tickets in concertwereld aanpakken’. Op: www.3voor12.vpro.nl, 12 juli. 

Pointer (2023). ‘Seksueel grensoverschrijdend gedrag op het Conservatorium van Amsterdam: 3 docenten weg’, Op: www.pointer.kro-ncrv.nl, 29 september.  

Pointer (2025). Musici doorbreken stilzwijgen over grensoverschrijdend gedrag van gevierd dirigent Jaap van Zweden. Op: www.pointer.kro-ncrv.nl, 22 mei. 

Polak, N. & Schaap, J. (2024). ‘Write, record, optimize? How musicians reflect on music optimization strategies in the creative production process’ In: new media & society, 1-17.  

PopNL, Popronde, Kunstbende, Popspot (2025). Convenant Talentontwikkeling in de popmuziek. PopNL 

Raad voor Cultuur (2024). Toegang tot cultuur : op weg naar een nieuw bestel in 2029. Den Haag: Raad voor Cultuur.   

Raad voor Cultuur (2026). Maken (z)onder druk : artistieke vrijheid als democratisch fundament. Den Haag: Raad voor Cultuur.

Respons (2024). Meer festivals en concerten in 2023. Op: www.respons.nl, 20 januari 

Respons (2025). Minder festivals en meer concerten in 2024. Op: www.respons.nl, 29 januari 

Schrijen, B., R. Slob & M. Van Haeren (2020) [Evaluatieonderzoek Méér Muziek in de Klas]. Amsterdam: Boekmanstichting.   

Skovbon, S. (2024). ‘The Environmental Sustainability of Symphony Orchestras: Challenges and Potential Solutions’. In Classical Music Futures Practices of Innovation. Cambridge: Open Book Publishers.  

Steenbrink, R., van Pijkeren, J. & M. Flikkema. Who gets paid when the music plays? a comparative analysis of royalty collection and distribution by European CMOs. Utrecht: Berenschot

Swartjes, B. & P. Berkers (2023) ‘Getting in’ or ‘moving on’? On internship experiences and representation in the popular music festival sector’. In: Journal of Work and Education, jrg. 36, nr. 7-8, 623-635.   

Swartjes, B. (2024). Making (a) difference : a sociological account of music festival work and production. Rotterdam: Erasmus Universiteit Rotterdam. 

Trienekens, S. & Escobar Campos, J. (2022). Concertgebouworkest YOUNG 2019-2022 ‘Life in and after Young’. Amsterdam: Urban Paradoxes.   

UNESCO (2024). On(ver)vangbaar : de innovatieve kracht van the culture. Paris: UNESCO.   

Van Beek, R. (et al.) (2023). Het-Grote-Uitgaansonderzoek-2023. Trimbos Instituut. 

Van Bekkum, D. (2025) ‘Marco Borsato vrijgesproken van onzedelijk betasten 15-jarig meisje | de Volkskrant. Op: www.volkskrant.nl, 4 december 

Van Gijssel, R. (2026). ‘Artiesten worstelen openlijk met geestelijke nood – hoe popmuziek steeds zwaarder werd’. Op: www.volkskrant.nl, 17 maart

Van Gijssel, R. en L. Verhagen. (2025) ‘AI-muziek overspoelt streamingdiensten met drek én hits: ‘Er is meer dan alleen het zwartgallige verhaal’ . www.volkskrant.nl,  26 november

Van der Hoeven, A. & E. Hitters. (2023). ‘Live music and the New Urban Agenda : social, economic, environmental and spatial sustainability in live music ecologies’. In: City, Culture and Society, jrg. 32

Van der Ploeg, P. (2025a)  ‘25 jaar popmuziek : de grootste revolutie is hoe de muziek bij de luisteraar komt’. Op: www.nrc.nl, 25 juni 

Van der Ploeg, P. (2025b) ‘Controverse rond Bob Vylan: waarom cancelde 013 het concert en Doornroosje niet?’. www.nrc.nl, 15 september 

Van Santen, H. (2023). En weer is een muziekschool failliet gegaan. Wie kan er nog naar muziekles?, Op: www.nrc.nl, 5 april  

Van Spronsen & partners (2017). De Discotheek & Club in beeld.   

Vandenberg, F. (2023). All together now : live (streamed) music as collective practice. Rotterdam: Erasmus University Rotterdam.   

Vereniging Hogescholen (2024) ‘Dashboard instroom, inschrijvingen en diploma’s’. Op: www.vereniginghogescholen.nl 

Verleije, E. (2025) ‘Zwarte Cross stelt zich open voor KKR-debat, maar het publiek wil vooral feestvieren’. Op: www.nrc.nl, 20 juli

Vinkenburg & Clemens (2023). kloof tussen inzet en inkomsten van popmuzikanten. Utrecht: Berenschot. 

VNPF (2026). Nieuw onderzoek naar grensoverschrijdend gedrag in de muziekindustrie – Vereniging Nederlandse Poppodia en -Festivals. Op: www.vnpf.nl, 29 januari. 

VNPF (2026b). Code Rood: Meeste poppodia draaien verlies door achterblijvende indexaties van gemeentelijke subsidies . Op: www.vnpf.nl, 20 januari

VNPF (2025). Duurzaamheid . Op: www.vnpf.nl, 18 september. 

Wijngaarden, Y. (et al.) (2024). ‘Basic income, post-precarious outcome? : how creative workers perceive participating in an experiment with basic income’. In: Cultural Trends.  

Wikström, P. (2014) The music industry in an age of digital distribution. In: Change: 19 key essays on how the Internet is changing our lives. Madrid: Turner / BBVA Group.  

Woolthuis, M. (2025). ‘Festival Motel Mozaïque heeft voor het eerst een vrouwelijke leiding: ‘Het is heel moeilijk hier als vrouw tussen te komen’’. Op: www.volkskrant.nl, 17 april

Zwaan, K. & Houtzager, M. (2025). Rijkscultuursubsidies voor popmuziek : een onderzoek naar de verdeling van rijkscultuursubsidies. Hogeschool Inholland.  

Zwaan, K., (et al.). (2023). Onderzoeks- en innovatieagenda voor de Nederlandse Popmuzieksector. Hogeschool Inholland & de Popcoalitie 

  

Verantwoording tekst en beeld

Redactie: Eerdere versies van deze pagina zijn meegelezen door Arne Dee (VNPF), Kim Dankoor (UU) en André Nuchelmans (Boekmanstichting). De huidige versie is meegelezen door Miles Niemeijer (podiumkunst.net) en Rosa Schiavone (Boekmanstichting).

Beeld: Studio Paisley Kaas / Fotografie: Lisa Maatjens.